GESCHIEDENIS

Het ringdorp Kloetinge is te rangschikken onder de oudste dorpen van het eiland Zuid-Beveland.

De stichting van het dorp moet men omstreeks de 10e eeuw dateren. Op de plaats van Kloetinge was toen een tijdelijke verblijfplaats van herders, die van Walcheren of Noord-Beveland kwamen.

Al vroeg in de elfde eeuw is men het dorp gaan ophogen met mest- en afvallagen om zich tegen het water te beschermen (de zogenaamde vliedbergen). Hier hangt de dorpsnaam mee samen: kloeten dient opgevat te worden als kluiten.

(Vliedberg/kasteelberg aan de 's-Gravenpolderseweg in 1946. Deze berg diende in vroeger tijden als kasteelberg of als vluchtplaats voor mens en vee wanneer het water zeer hoog was)

(Vliedberg/kasteelberg aan de Stelleweg/Oranjepad)

In de 15e eeuw moeten er poortgrachten in Kloetinge zijn geweest, die in de dorpsrekeningen uit die tijd werden genoemd. Deze hebben tot het einde van de 17e eeuw bestaan.

Rondom dit dorp heeft een reeks van kunstmatige hoogten, bergjes, gelegen. Ooit zijn dit verdedigbare punten geweest, waarop - in de meeste gevallen - torenachtige bouwwerkjes hebben gestaan. Dit geeft aan dat Kloetinge in de middeleeuwen van strategische betekenis is geweest.

Goes en Kloetinge lagen in de Tachtigjarige Oorlog strategisch zeer belangrijk, waardoor men inkwartiering van Spaanse soldaten kreeg. In 1572 werd Kloetinge door oorlogsgeweld tweemaal platgebrand. In 1578 kwam het gebied in handen van de Prins van Oranje.

In 1216 wordt gesproken over Clotinge, dat later Cloetinge werd en tenslotte Kloetinge. In de volksmond (dialect) spreekt men over Kloetehe of Klusdurp.

In de 15e eeuw stonden er vijf molens, allemaal in het bezit van de ambachtsheren, de heren van Borssele. Tegenwoordig vindt men nog een molen terug aan de Kapelseweg, nummer 13.


Een ander teken van de welvaart in Kloetinge is de imposante Geerteskerk, waaraan men in 1250 (noorderbijkoor) begon te bouwen. Hiervoor stond er eerst een houten kapel, die later werd vervangen door een stenen. Deze werd uitgebouwd tot het majestueuze kerkgebouw. het bijkoor en het hoofdkoor dateren van de 13e eeuw. Het laatstgenoemde is een mooi voorbeeld van Vlaamsgotische baksteenbouw uit die periode. Het schip van de kerk dateert van de 15e eeuw en was oorspronkelijk driebeukig. In 1500 werd deze vervangen door één beuk. De toren werd in 1494 voltooid. De Geerteskerk is gewijdt aan de heilige Geertrudis. SInt Geertruida was/is de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. 

Naast een grootste kerk verschenen in de omgeving ook verschillende versterkte boerderijen, ofwel kastelen. Het huis "Smallegange" en de heren van Kloetinge verbleven in slot Ravenstein. Dit slot moet op de plaats van de tegenwoordige boerderij Ravenstein in het Noordeinde hebben gestaan. Beide zijn in de loop van de achttiende eeuw afgebroken.

In de 16e en 17e eeuw waren de belangrijkste middelen van bestaan landbouw, zoutwinning en leerbewerking.

Na 1900 was er een snelle groei van inwoners. Dit kwam door het gunstige belastingklimaat. Veel gegoede Goesenaren vestigden zich toen in Kloetinge en het dorp kreeg dan ook de bijnaam 'Het Wassenaar van Zeeland'. De omvang van het grondgebied (en het azen van buurgemeente Goes hierop) wordt hier nader beschreven.

De gemeente Kloetinge hield als zelfstandige gemeente in 1970 op te bestaan. Hiermee kwam aan bijna tien eeuwen zelfstandigheid een einde.

--------------------------------------------------------------------

Artikel uit Provinciale Zeeuwse Courant van 28-08-2001


Klusdurp blijft een rijk dorp

door Mieke van der Jagt

Dat moet oorspronkelijk een burcht zijn, is het eerste wat je denkt. Maar uitputtend onderzoek heeft nooit kunnen bewijzen dat Kloetinge ontstaan is op een door mensenhanden gemaakte, cirkelvormige verhoging in het landschap. Hoe de Bijganck, zoals de door wegen omsloten cirkel heet, ontstaan is blijft dus een mysterie, maar feit is dat er in de elfde, twaalfde eeuw al mensen woonden op de plaats waar nu Kloetinge ligt. De naam moet zijn afgeleid van het Germaanse woord Klöta, wat `rond ding` betekent.

 

(luchtfoto: Aero Lin Photo ®)

Naam: Kloetinge
Ligging: Ten oosten van Goes
Aantal inwoners: 3.094
Ontstaan: In de elfde eeuw
Bijzonderheden: Geboorteplaats van natuurkundige Buys Ballot
Monumenten: Geerteskerk, de korenmolen en de vate

Kloetinge kwam tot ontwikkeling in de dertiende eeuw toen er een kapel werd gebouwd, waarvan de resten in Scheldegotiek nog terug te vinden zijn in de Geerteskerk. Kort daarna begon de bouw van het koor, een typisch voorbeeld van Vlaamse baksteengotiek. Veertiende-eeuwers bouwden de onderkant van de toren en het schip dateert uit de vijftiende eeuw. Aanvankelijk waren het drie beuken, die al binnen een halve eeuw onder een dak werden gebracht.
Van de parochie Kloetinge wordt aangenomen dat het de moederkerk van Goes is geweest. In ieder geval is Kattendijke eruit ontstaan. Als het anders was gelopen hadden ook de gehuchten De Groe en Heer Elsdorp kunnen uitgroeien tot echte dorpen. Daar had de Kloetingse kerk kapellen, gewijd aan Sint Maaten en Sint Margriete. Maar de gehuchten vielen ten prooi aan de voorspoed van andere kernen en aan ruilverkavelingen en wat ervan rest is niet meer dan een straat- of en veldnaam. Hetzelfde lot ondergingen Abbekinderen, Blaemskinderen, Bordelop, Mannee, Tervate en Waenskinderen. Een van de bestbewaarde dorpsdrinkputten van Zeeland, vates, ligt in Kloetinge. Het is van oorsprong een kreekrest en tot in de zestiende eeuw gebruikt als haventje. Vroeger lag er een drafbaan voor ringrijders omheen, maar die is met de ringrijderij verdwenen. De kerkring en het kerkepad met linden maken Kloetinge, samen met de oorspronkelijk dorpsuitleg, tot een plaatje. Daar werkt ook de molen aan mee: een degelijke gemetselde bovenkruier, die sinds 1704 graan van vruchtbare Kloetingse bodem heeft gemalen. Kloetinge stond tot de herindeling van 1970 bekend als een van de rijkste gemeenten van Zuid-Beveland. In het begin leefden de Klusdurpers, zoals de Kloetingers - misschien met een beetje afgunst - in Goes worden genoemd, van landbouw en schapen. De wol werd er gesponnen en geweven en later ook geverfd. Ook de teelt van de meekrapwortel, grondstof voor rode verf, bracht geld in het laatje maar samen met de lijnzaadteelt verdween die bron van inkomsten in de negentiende eeuw. Landbouw en fruitteel zijn nog steeds belangrijke middelen van bestaan, maar Kloetinge is toch vooral een woondorp geworden. Die functie heeft zich in de afgelopen jaren alleen maar meer ontwikkeld met de bouw van het Oostmolenpark, ten zuid-oosten van het dorp. Naar dat gebied moest Goes ook uitwijken toen een psychiatrisch- en een algemeen ziekenhuis een plaats moesten krijgen.
Maar ook daarvoor al stond Kloetinge op de kaart. De natuurkundige Buys Ballot, die de invloed van de draaiing van de aarde op de windrichting in een wet vastlegde, werd geboren aan het Marktveld en ook de Brassband Excelsior houdt al jaren een naam hoog in de muziekwereld.

Geschied1.JPG (203341 bytes)Geschied2.JPG (369800 bytes)Geschied3.JPG (352163 bytes)Geschied4.JPG (316280 bytes)

(klik op een pagina voor een vergrote weergave)


25 augustus 2003

Dijk uit 1135 is nog niet vergeten

door René Schrier

  

 

Het gaat over een dijk, die verdwenen is, weer opduikt, verandert in een pad en waarvan het bestaan uiteindelijk ontkend wordt. Een dijk uit 1135 op Zuid-Beveland. Tegenwoordig zouden we er om lachen. Een bult, een ophoging om het water tegen te houden, niet meer dan dat. Van een waterkering op een kreekrug werd het een hooggelegen pad.

Inpolderingen, ruilverkavelingen en nieuwbouwplannen hebben vervolgens hun vernietigende werk gedaan. En nu is er van die dijk uit 1135 zo goed als niets meer terug te vinden. Alleen in Kloetinge leeft de dijk nog, of eigenlijk het pad, of nog beter; wat daar voor door moet gaan. Aanwonenden zijn daar op hun dood dat er iemand over die vermeende oude dijk loopt.
Wie in Goes van de rotonde het Tiendenplein over de `s-Heer Hendrikskinderendijk naar de Mattheüs Smallegangesbuurt wandelt en zijn weg vervolgt over de Oostwal en het Heernisseweg en uiteindelijk de stad verlaat via de `s-Heer Elsdorpweg richting Kloetinge, zal zich niet realiseren dat hij over het tracé van de dijk van 1135 loopt. Gewoon dwars door de stad loopt een oude dijk, uit een periode waarin Goes niet meer voorstelde dan een paar huizen en een bescheiden kerk. Eigenlijk stelde Goes in die tijd helemaal niets voor. Want bij een overstroming in 1134 spoelde het toenmalige dorpje, dat lag bij het gerestaureerde bolwerkje aan de M. Smallegangesbuurt, zo goed als van de kaart.


Iets zuidelijker van die onheilsplek, op de plaats van de huidige katholieke kerk aan de Singelstraat, verrees een nieuwe nederzetting. En om verdere overstromingen te voorkomen werd ten noorden daarvan in 1135 een dijk aangelegd op een kreekrug die loopt langs Wemeldinge-Kapelle-Kloetinge-`s-Heer Arendskerke. Van die dijk is ogenschijnlijk nu niets meer terug te vinden. Immers de top van een dijk uit 1135 lag meters lager dan de Deltadijken die we tegenwoordig kennen. Je moet diep in de grond graven, op oude kaarten turen en soms ook wel een beetje je verbeelding haar werk laten doen, wil je er wat van terugzien. Cornelis Dekker beschreef in 1971 de loop van de dijk in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland. Uit zijn tekst blijkt dat sommige huidige straatnamen nog steeds naar de historische dijk verwijzen. Hij heeft het over het Hoge Pad van Wemeldinge richting Kapelle, de Braanjendijk naar Kloetinge toe, het Lange Dijkje van Kloetinge naar Goes. Wie de huidige plattegrond van Goes pakt en de woorden van Dekker volgt, kan zich een goed beeld vormen van het tracé van de dijk: ,,Achterom het gehucht Waanskinderen is hij te volgen naar het gehucht Ter Vaten. Vandaar wijst een voetpad door de Kloetingse `Bijganck` en vervolgens op de scheiding tussen het Noord- en Middelambacht zijn oude ligging aan tot de Heernisseweg.``
Recht over het omstreden voetpad dus. Dekker verder: ,,Een oppervlakkige blik op een willekeurige kaart van deze omgeving toont aan dat de Heernisseweg, wanneer wij de stad Goes wegdenken, recht op de `s-Heer Hendrikskinderendijk aanloopt. Vòòr het ontstaan van de stad moet hier een rechtstreeks verbinding zijn geweest en de nog bestaande `s-Heer Hendrikskinderendijk en zijn vervolg tot `s-Heer Arendskerke is een logische voortzetting van de dijk ten noorden van Kloetinge.``
Oudere agrariërs aan het Noordeinde te Kloetinge kunnen nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. De bebouwing van Goes-oost was er nog niet. Het pad voerde langs boomgaarden, voorbij de plek waar nu de oude BB-bunker staat, naar de Heernisseweg. Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds, en het is een schitterende route, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt. Het is bepaald ook geen tocht zonder hindernissen. De wandelaar wordt niet met open armen ontvangen. Integendeel, dovenetels en een bouvier zijn zijn deel. Zo is het twijfelachtig of het rechte pad achter de tuinen van de huizen aan de Langeweide wel echt de oude dijk uit 1135 is. Dat pad heet in de gemeentelijke archieven het Hoge Pad. Het tracé is na de bouw van de huizen aan de Langeweide natuurlijk gewoon aangepast. Maar ook al is in 1978 het bord met de tekst `voetpad` op verzoek van omwonenden verwijderd; geen enkele wandelaar kan daar de toegang ontzegd worden, want het is een openbaar pad dat soms over privéterrein loopt. De gemeente Goes heeft de plicht om het pad begaanbaar te houden. Dat staat ook in de archieven beschreven. Het moet begaanbaar zijn ter breedte van een kruiwagen.

Hieronder: met dank aan de heer Marinus Vuijk, webmaster van de website van de Vereniging Dorpsbelangen Kloetinge

http://www.kloetinge.com/route.htm

Alweer  anderhalf jaar geleden - ik was eigenlijk op zoek naar alternatieven  voor de LAW-Grensland- pad, die door bet verdwijnen van de veerdienst Kruiningen-Perkpolder moest worden verlegd - liep ik toevallig tegen dat pad aan. Hekken naar een tuin deden me omkeren.
Thuisgekomen de historische atlas van Zeeland er eens op nageslagen. Die liet ter plekke een voetpad zien. Geen tijd gehad om het nog eens uit te zoeken.
Tot journalist Rene Schrier in een artikel in de PZC, het regionale dagblad voor Zeeland, alsnog licht op de zaak wierp. `In de loop der eeuwen hebben inpolderingen, ruilverkavelingen en stadsuitbreidingen hun vernietigende werk gedaan. Alleen in Kloetinge, onder de rook van Goes, leeft de dijk nog, of eigenlijk het pad, of nog beter: wat daar voor door moet gaan', schreef Schrier in zijn krant. Hij voegt er aan toe: `Aanwonenden zijn daar op hun dood dat er iemand over die vermeende oude dijk loopt: Telefonisch bevestigt Schrier mij wat hij van de gemeente had vernomen. Hoewel het er op het eerste gezicht absoluut niet op lijkt: "Het was en is een openbaar voetpad. Ondanks dat op verzoek van aanwonenden het bordje met die tekst is weggehaald. Al in 1978!" Enkele weken nadat zijn artikel in de krant had gestaan, was het pad beter toegankelijk gemaakt, brandnetels weggemaaid, enzovoorts. Alleen de tuinhekjes staan er nog, zodat het lijkt alsof je er niet mag komen en de bouvier ligt in de tuin.. ..




Voorzitter Jaap  Hoste van de Vereniging Dorpsbelangen Kloetinge bevestigt dat het pad niet in zijn geheel is te belopen. "Rond 1970 zijn er bungalows gebouwd die met hun achtertuinen tegen het pad aan grensden. Drie eigenaren hebben aan de overkant ervan een stuk grond bijgekocht. Dan snap je wel wat er gebeurt:'


Dorpsbelangen heeft de gemeente Goes gevraagd `aan haar onderhoudsplicht te voldoen'. De kwestie loopt al jaren. Maar juist de laatste tijd zit het in een stroomversnelling, gebeurt er wat. "Alle betrokken partijen, de gemeente, de eigenaren en Dorpsbelangen hebben rond de tafel gezeten. De gemeente heeft een compromis voorgesteld: het pad verleggen rond de drie betrokken percelen. Eén van de eigenaren voelt daar nog niet voor:" Hoste verwacht dat als het compromis op niets uitloopt, de gemeente doorpakt en het oorspronkelijke tracé weer toe gankelijk maakt.
"De gemeente staat in haar recht dat te doen. Het pad staat op de wegenlegger:" Hoste hoopt dat er over enkele maanden een oplossing is.


 

De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.




Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.






 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.

 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.








 Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.

 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 

 







De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.

 

 

 

 

 

 

 



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.








 Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 










Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 

De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.

 

 

 

 

 

 

 



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.








 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 










Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 


 


Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.


De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 


 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan



Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.


Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.


Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.


Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.


Harry Benschop


Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet


De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 









 







De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.

 

 

 

 

 



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.








 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 










Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 


 


Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.


De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 


 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan



Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.


Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.


Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.


Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.


Harry Benschop


Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet


De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 

 







De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.

 

 



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 







 







 

 

 

 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 







 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.








 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 










Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 

 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 







 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.

Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.

Harry Benschop

Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet

De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 

 

 







 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 


 


Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.


De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 


 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan



Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.


Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.


Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes

In Kloetinge de kerk voorbij, even verder begint een voetpad door de weidjes'. Die zin komt uit een routebeschrijving uit begin vorige eeuw. `Goes ligt nog modderig. Wellicht een van de redenen dat er plannen leven dit stuk pad op te knappen. "Dat wacht op een oplossing voor het pad over het dijkje"; zegt Hoste van Dorpsbelangen Kloetinge.
Het pad dat eigenlijk geen pad mag zijn en het pad door de weidjes is nog steeds een leuk onderdeel van de route van Goes naar Kloetinge. In Kloetinge moet je zeker ook even naar het Marktveld, met zijn vaete. Beide paden en Kloetinge zijn opgenomen in de Lopend Vuurroute van dit nummer. Wie zin heeft kan ook meelopen, van Goes naar Kloetinge en verder oostwaarts naar Wemeldinge, onderwijl speurend naar de sporen van de dijk en andere aanwijzingen voor Dekkers stellingname.


Reconstructie
De reconstructie van de ringdijk uit 1135 wordt vergemakkelijkt doordat op verschillende plaatsen waar nu geen spoor van de dijk zelf meer te bekennen valt, toch nog een voetpad is overgebleven. In de Middeleeuwen legde men die voetpaden bij voorkeur op hooggelegen stukken land of op dijken. Vaak zijn die paden na afgraving van de dijk blijven bestaan.
Je moet je verbeelding goed laten werken. Eigenlijk tussen je oogharen door naar de kaart kijken. Nog bestaande dijken, veldnamen en voetpaden in je opnemen. Dan zie je de ringdijk van 1135 voor je opdoemen. Niet op de laatste plaats door enkele voetpaden. Ook om die reden waard om bewaard te blijven.


Harry Benschop


Uit: blad Lopend Vuur van de Vereniging TeVoet


De dijk van 1135 praktisch
De route begint bij station Goes op de lijn Roosendaal-Vlissingen. De VVV is op het Stationsplein gevestigd (zondag gesloten). Vanaf het eindpunt Werneldinge kun je met bus 27 terug naar Goes of naar station Kruininqen/Yerseke, in beide richtingen dagelijks elk uur (dienstregeling tot eind 2004). Horeca in Goes, Kloetinge en Wemeldinge.

Wandeling van Goes naar Wemeldinge
TeVoet organiseert zondag 7 november 2004 een wandeling van Goes naar Wemeldinge;  Deelnemers aan deze wandeling ontvangen het boekje 'Het Zeeuwse zeekleilandschap', met daarin veel wetenswaardigheden over het ontstaan van het grootste deel van Zeeland.


 


 

 

 







 

 

 


 







 

 

 







 

 

 







 

 

 

 








 

 







De kortste weg
Oudere agrariers aan het Noordeinde in Kloetinge kunnen je nog vertellen hoe je vroeger vanuit Kloetinge over het pad, door de boomgaarden naar Goes ging. "Gewoon de kortste weg te voet van Kapelle naar Goes. Die wandeling van Ter Vaete naar het Noordeinde van Kloetinge en vervolgens naar Goes bestaat nog steeds.
Het is een schitterende route"; aldus Schrier. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het twijfelachtig is of die exact het tracé van de dijk uit 1135 volgt.
Het pad was wel een van de aanknopingspunten voor Cornelis Dekker om de loop van die dijk te reconstrueren. Hij beschreef die in 1971 in zijn boek over de historie van Zuid-Beveland.
Als `tegengas' voor de stelling van bodemkundige Vlam dat de oudste delen van Zeeland, nadat ze op natuurlijke wijze waren droog komen te liggen, in een keer en in hun geheel door een defensieve bedijking tegen de zee waren beveiligd. Nou, dat is dan mooi niet waar, was ongeveer Dekkers reactie. Althans niet zo stellig als Vlam beweert. Er is wat afgeschreven en gepolemiseerd over het ontstaan van Zeeland.
De dijk die Dekker als bewijsvoering beschrijft, is in 1135 opgeworpen. Na de grote overstroming van 1134. Die had flinke bressen geslagen in het land.
Maar om iets te begrijpen van de discussie tussen Dekker en Vlam moeten we nog ruim een eeuw verder terug in de tijd.



Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.


Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.









Vliedbergen

Rond het jaar 1000 was het huidige Zeeland een groot schorren- en slikken-gebied. Er woonden mensen, maar die hadden hun land niet beveiligd met dijken. De gevolgen van een grote vloed in 1014 waren dan ook rampzalig. Gedurende vele jaren stond een groot deel van Zeeland onder water.Voortdurend vrat de zee aan het land, waardoor grote delen van het huidige Walcheren en Zuid-Beveland werden `opgeruimd: Er ontstond een ware binnenzee waarvan het Veerse Meer het laatste niet-ingepolderde restje is. Alleen enkele stukjes van het oorspronkelijke land bleven bestaan, als eilandjes in het water: rond Borsele en Baarland in de Zak van Zuid-Beveland.
Die stukken werden wel overspoeld en aan de rand flink aangetast, maar het water slaagde er blijkbaar niet in de hele massa van de zware poelklei weg te slaan. Zonder bescherming kon men er evenwel niet meer wonen.Nog ging men niet direct bedijken, en zeker niet op een systematische manier. Als reactie op de stormvloed van 1014 zijn allereerst kunstmatige hoogten opgeworpen. Kleine waarop hoogstens een primitieve hofstede kan hebben gestaan en hoogten van grotere allure, waarop dorpen tot ontwikkeling kwamen zoals in Kloetinge. Meestal waren ze niet hoger dan een of twee meter. Bij de woningen werd veel vee gehouden. Dat mag worden afgeleid uit de enorme hoeveelheden mest die zijn gevonden, in Kloetinge op enkele plaatsen wel tot drie meter dik.
Wie wel eens in Zeeland heeft rondgekeken, zal vast wel de hoge `bergen' zijn opgevallen. Midden in een weiland of bouwland, een puist van soms wel zo'n 15 meter hoog. In de volksmond worden ze ook vliedbergen genoemd. Eigenlijk zijn ze dat niet, want ze duiden op militaire versterkingen uit de 12e en 13e eeuw. En toch ook weer wel, want in een aantal van die wat hogere bergen wordt de kern of basis gevormd door een echte vliedberg, opgeworpen om bij overstromingen een goed heenkomen te vinden. Dat is althans de verklaring die nu opgeld doet. Want ook over het ontstaan van de bergen zijn de pennen in het Zeeuwse aardig geslepen. In de tweede helft van de elfde eeuw worden ook wat dijkjes aangelegd en dammen in kreken geslagen. Dat gebeurde volgens Dekkers zeker niet systematisch. Het waren lokale, vaak ook persoonlijke initiatieven, getuige namen als Wolphaartsdijk (de dijk van Wolfert), Geersdijk, Eversdijk (Everdie) en Ellewoutsdijk (Elewout). Dekkers wordt in zijn mening gesterkt door veldnamen die op voormalige dijkjes wijzen die midden in het land hebben gelegen, zonder enig onderling verband en die ook later geen deel hebben kunnen uitmaken van enig dijkstelstel. 
Na het leggen van de ringdijken, als reactie op de stormvloed van 1134, verloren al die dijkjes hun functie.

 

 

Kreekrug
Aan een rustige tijd - niets wijst er namelijk op dat er rond 1100 vaker overstromingen zijn geweest - kwam abrupt  eind in 1134. Met een geweldige overstroming. Ten noorden van Kattendijke, Wemeldinge en Yerseke werd een groot gebied blijvend opgeruimd. Daar ligt nu de Oosterschelde. Ten westen van Kattendijke drong de zee diep het land in: die kreek is zelfs nu nog goed zichtbaar, als laagte in het veld. Met als extra accent een zoutminnende vegetatie, door de brakke ondergrond eigenlijk ongeschikt als weiland. Een kreekrug verhinderde dat het water nog verder zuidwaarts kon opdringen. Het eerste wat men na de overstroming van 1134 ging doen, was deze kreekrug - die liep van Werneldinge langs Kapelle en Kloetinge, naar 's Heer Arendskerke, van Goes was toen nog niet echt sprake - wat verhogen, in een wijde boog om de diepe uitlopers van de zee heen. Het westelijk deel tussen 's Heer Arendskerke en Goes is later herhaaldelijk verhoogd en bestaat nog steeds. Van de andere delen weten we dat ze nog tot in de 16e eeuw als zaaidijken of hoge weg aanwezig waren. Men beschouwde ze toen al niet meer als één en dezelfde (ring)dijk, maar als afzonderlijke dijken, met afzonderlijke namen.

De route
De wandeling begint op het voorplein van station Goes (Hotel terminus). RD Frans den Hollanderlaan lopen. Van der Spiegelstraat overstekep en RIO Jacob Valckestraat. LA over Ganzepoortbrug (let op de tegel met de Ganzepoort). Over de brug direct RA langs bet water, geasfalteerd voetpad. Aan bet einde; bij telefooncel LA Gasthuisstraat. Via Lombokstraat naar Grote Markt. Hier RA de Opril Grote Markt in en opnieuw RA Koningstraat. Bij de haven LA (Bierkade). Via Turfkade RD de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Na 100 meter LA Stoofstraat. Op kruising RD en aan het eind RA (Westwal. In de bocht LA de trappen af en naar de dijk toelopen. Dit is de 's Heer Hendrikskinderendijk, `onze dijk van 1135, hier goed zichtbaar. (Linksaf loopt de dijk in de nichting van 's Heer Arendskerke, wij gaan hem (proberen te) volgen in oostelijke richting tot Wemeldinge).Op de dijk RA (links nog een boerderij) en nog voor de molen RA, Nieuwstraat (in bet trottoir een tegel van de Westpoort). Na 50 meter RD, het andere einde van de 's Heer Hendrikskinderenstraat in. Tegenover nr. 42  LA door parkje, op pleintje RA en direct weer LA (Rozemarijnstraat). Je loopt wat omhoog naar de dijk, bij nr.23  RA, de M. Smallegangebuurt in.
Aan bet eind RD over de St. Maartensbrug. In de Oostsingel (in bet trottoir een tegel van de Oostpoort) 2e straat LA, de Heernisseweg met oude bebouwing. Aan het eind LA, Beatrixlaan, wordt 's Heer Elsdoprstraat. Rondweg oversteken en RD over bet fietspad tot de eerste huizen van Kloetinge. RD over smal graspad langs slootje. Dit is het begin van her bewuste dijkje of pad achterlangs de huizen. Als het pad in zijn geheel te belopen is, zie je bij 'het laatste huis een klaphekje dat toegang geeft tot een wei. Door her hek, langs de bomenrij tot aan de straat (Noordeinde). Als bet pad nog niet beloopbaar is, bij her begin van Kloetinge RA (Zomerweg) en eerste straat LA (Langeweide). Aan het eind in de bocht naar rechts LA, over houten bruggetje tot het klaphekje door de weidjes.

Bij het Noordeinde zou je, voor her volgen van het oude tracé van de dijk, eigenlijk RD moeten lopen over de parkeerplaats van bet sportveld: Het dorpje Kloetinge is echter een bezoekje waard. Daarom: op het Noordeinde aan het eind van het pad door de weidjes RA naar bet Marktveld. Ter hoogte van de kerk LA,  Jachthuisstraat.
Na ca. 100 m L A voetpad inslaan. Dat loopt langs de Ambachtsvrouwen. Bij bet sportveld steeds rechts aanhouden totdat je uiteindelijk bij 'Tervaeten uitlkomt.
Hier zijn twee mogelijkheden: 

 A) de route langs Waanskinderen die nog het meest de oude dijk volgt; deze route is vooral door zijn bebouwing aardig; of B) de route langs het uiteinde van de Deesche Watergang, het restant van een grote dijkdoorbraak
Voor route A: Bij Tervaeten RA verharde weg op en direct weer RA. Op kruising LA langs bet gehucht Waanskinderen en bij de Monnikendijk opnieuw LA. Na ruim een kilometer LA, fietspad (Grintweg). Aan het eind RA het Hoge Pad inslaan


Voor route B: Bij Tervaeten LA en na 300 m RA Danielsweg (doodlopend). Bij kruising met verharde weg RD, Potmanswegeling. Aan het eind RA Monnikendijk en in de
bocht LA Hoge Pad.
Na ongeveer 1 km op het Hoge Pad in bocht naar rechts RD, het Hoge Pad blijven volgen (bordje met fruitbedrijf `Hoge Pad'). Fietspad ca. 1,5 km blijven volgen tot de Wemeldingse Achterweg. L A over bet fietspad en na 500 m eerste weg LA, Blauwhuisweg. Bij de Moolweg voetpad langs bosrand volgen. Na afsluitboom de Kerkweg inslaan, fietspad. Bij de kerk rechts aanhouden, op volgende splitsing RD over klinkerweg.
Wie zin heeft kan ook nog een ommetje langs de Oosterscheldedijk maken. Sla op splitsing LA en op volgende kruising RA, de geelrode tekens van bet Oosterscheldepad volgen tot aan de zeedijk.. Daar RA en voor bet bosje stenen trapje aan rechterzijde naar beneden. Onverhard pad volgen in bocht naar links. Pad blijven volgen tot aan bebouwing van Wemeldinge, via Noordelijke Achterweg naar de Dorpsstraat. Daar LA. Op Klinkerweg na de kerk RD en tweede straat LA inslaan, de Dorpsstraat. Op dorpsplein RD Wilhelminastraat. Deze straat blijven volgen tot aan dijk bij de haven (horeca). Honderd meter verder is de bushalte voor de bus naar Goes en Kruiningen/Yerselke. Ga daarvoor RA onderlangs dijk en eerste straat RA, De totale lengte van de beschreven route is 14 a 17 km. Voor een groot deel is de route verhard.

Voor de naam Kloetinge vond ik twee verklaringen. Een heeft te maken met het ophogen in de strijd tegen het water: kloeten staat voor kluiten. In de volksmond spreekt men van Klusdurp. Maar er wordt ook gezegd dat de naam is afgeleid van het Germaanse woord KIö ta, wat `rond ding' betekent. Dat slaat dan op de Bijganck, zoals de merkwaardige door wegen omsloten cirkel heet waarvan het ontstaan een mvsterie is.In de 15e eeuw stonden er in Kloetinge vijf molens waarvan nu nu nog  één over. is. Een ander teken van welvaart is de imposante Geerteskerk, gewijd aan de heilige Gertrudis, de beschermster tegen ratten- en muizenplagen. Bij de kerk een van de best bewaarde dorpsdrinkputten (vaete) van Zeeland.In het Jachthuis woont de Ambachtsvrouwe, de achterkleindochter van J.C. Patijn. Hij kocht in 1843 de grond en de titel van Ambachtsheer: Roemrijke geslachten als Van Borssele en Van Brederode waren hern vooraf gegaan. Het oude Ambachtsherenhuis is rond 1880 afgebroken; het stond bij de kerk waar nu de pastorie ligt. Ter vervanging is het Jachthuis gebouwd.

Wemeldinge ligt op het einde van de kreekrug vanaf Kapelle. De weg tussen beide dorpen - de Wemeldingse Zandweg - is een van de oudste van Zeeland. Het dorp Werneldinge wordt al genoemd voor het jaar 1000.
In Werneldinge staat één van de hoogste ' vliedbergen van 7eeland (zo'n 15 meter). Je vindt hem bij de kerk. samen met de kerk en de Dorpsstraat vormt de berg een `beschermd dorpsgezicht'. Eigenlijk val je in Werneldinge van de ene verrassing in de andere: snuif de sfeer van weleer op in de Dorpsstraat, maar aarzel niet om daar ook een achterommetje in de schieten naar de Noordelijke en Zuidelijke Achterweg.
Na de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland is het dorp naar bet kanaal gegroeid. Lange tijd heeft dat kanaal het leven in bet dorp bepaald. Zo'n tien jaar terug is de kanaalnmonding verder oostwaarts verplaatst. De Wemeldingse sluizen verloren hun functie. In de sluiskom ligt nu een grote jachthaven, als compensatie voor het gemis aan havenactiviteiten.
 

De weidjes